Plasmon katalyse gebruik bij conversie van CO2

Er wordt gewerkt aan diverse projecten om duurzame energie op te slaan. Eén der projecten is het Interreg project waarbij TNO samen met EnOP , universiteiten en het bedrijfsleven nieuwe concepten ontwikkelt voor de omslag van duurzame energie naar chemische energie. Tijdens het fotokalystisch proces worden koolstofdioxide en waterstof omgezet naar methaan. Dit houdt in principe in dat metaal katalysator deeltjes op nanoschaal worden gebruikt. Heel moeilijke benaming, maar met een korte beschrijving zult u het beter begrijpen.

Modellen om duurzame energie betaalbaar & betrouwbaar te houden

Dit project is opgezet om de toekomst van duurzame energie in Europa veilig te helpen stellen. Duurzame energie mag niet ontbeerd worden in de toekomst. Het is dus van eminent belang om het aandeel duurzame energie snel te verhogen. En dat kan. Het doel van het Interreg project EnOp is om energieopslagsystemen en CO2-omzettingstechnologieën tot leven te brengen. EnOp ( Energie opslag) is dus  een samenwerking tussen TNO, de Universiteit van Hasselt en DWI (Aken). Al deze stake-holders zullen vanuit hun professie een bijdrage leveren.

Hoe beoogt men te werk te gaan? Volgens het concept zal men duurzaam opgewekte energie onder andere door het gebruik van CO2 omzetten in hoger-energetische koolstofverbindingen. Dit ter vervanging van fossiele brandstoffen( de chemische energiedragers). Ook zal men het kunnen gebruiken als grondstof voor bepaalde eindproducten waaronder kunststoffen(specialty chemicals).

Directe conversie middels gebruik van plasmon katalyse

TNO draagt zorg voor de directe conversie van koolstofdioxide met gebruik van plasmon katalyse. Hoe werkt dat precies? De Katalystische nanodeeltjes worden in een zogenoemde geexiciteerde toestand gebracht. Door deze toestand worden ze geïnterageerd met koolstofdioxide en dan geactiveerd. Middels deze handeling wordt het zonlicht dus rechtstreeks omgezet in chemische energie. TNO is ertoe overgegaan om de verschillende katalysatoren te besturen op basis van de verscheidene ” group VII” nanodeeltjes op een drager. Hieruit komen er verschillende eindproducten voort zoals methaan en water. Deze hebben vrijwel direct een bestemming. Het metaan kan per direct in het gasnetwerk geplaatst worden ter distributie.